Op het mbo kun je kiezen uit verschillende opleidingen én uit vier verschillende niveaus. Verder heb je de keuze uit twee leerwegen: een waarbij je vooral veel dagen op school zit (BOL) en een waarbij je werkt en daarnaast een dag in de week naar school gaat (BBL).
De niveaus
Niveau 1: assistentenopleiding (1 jaar)
Drempelloze instroom
Niveau 2: basisberoepsopleiding (2-3 jaar)
Toegankelijk met een vmbo-diploma basisberoepsgerichte leerweg
Niveau 3: vakopleiding (2-4 jaar)
Toegankelijk met een vmbo-diploma kaderberoepsgerichte leerweg, gemengde of theoretische leerweg, of een overgangsbewijs van havo/vwo 3 naar havo/vwo 4
Niveau 4: middenkaderopleiding (BOL; 3-4 jaar)
of specialistenopleiding (BBL; 2 jaar, na de vakopleiding)
Toegankelijk met een vmbo-diploma kaderberoepsgerichte leerweg, gemengde of theoretische leerweg, of een overgangsbewijs van havo/vwo 3 naar havo/vwo 4.
Een student die een opleiding op niveau 4 heeft behaald, kan doorstromen naar het hoger beroepsonderwijs (hbo).
De leerwegen
Bij BOL (beroepsopleidende leerweg) ga je vier of vijf dagen per week naar school. Een deel van de opleiding loop je stage (beroepspraktijkvorming) bij een erkend leerbedrijf. Je krijgt minimaal 850 klokuren les en/of begeleiding.
Bij BBL (beroepsbegeleidende leerweg) is de praktijk het uitgangspunt. Je gaat één dag per week naar school en werkt daarnaast minimaal 24 uur per week bij een erkend leerbedrijf.